Waterbodemonderzoek sluizencomplex IJmuiden

In het afgelopen najaar heeft Fugro een waterbodemonderzoek uitgevoerd bij het
sluizencomplex in IJmuiden. Door het plaatsen van een aantal meerpalen wordt de grond geroerd, zodat een vergunning noodzakelijk is. Het onderzoek had tot doel vast te stellen wat de opbouw en de milieuhygiënische kwaliteit van de waterbodem ter plaatse is.


Op de locatie zijn vanaf een onderzoekschip boringen uitgevoerd tot een diepte van 25 m onder NAP. De waterbodem, die zich hier op een diepte van 3 tot 6 m bevindt, is globaal per 0,5 m bemonsterd. Het onderzoek bestond uit twee fasen. In fase 1 zijn de monsters van de diverse bodemlagen geselecteerd voor een brede analyse. Afhankelijk van de resultaten is vervolgens vastgesteld welke analyses in fase 2 moesten worden uitgevoerd. Het doel was de classificatie van de verschillende bodemlagen met een nauwkeurigheid van 0,5 meter (scheiding tussen klasse 2, 3 en 4). Een aantal monsters is geselecteerd voor analyse op basis van twee aannames:
- De bovenste laag van het bodemprofiel bestaat uit slib. Deze laag zal méér verontreinigd zijn dan dieper gelegen bodemlagen.

- De verontreiniging zal zich naar beneden hebben verplaatst en de verontreinigingsgraad van de dieper gelegen bodemlagen zal afnemen. De analyse-resultaten van het waterbodemmateriaal zijn getoetst aan de normering, zoals gepubliceerd in de Vierde Nota Waterhuishouding (NW4) en de Gewijzigde versie Bijlage A Normen 4e Nota Waterhuishouding. Voor de productnormering gelden volgens NW4 als kwaliteitsniveaus achtereenvolgens de streefwaarden, de grenswaarden, de toetsingswaarden en de interventiewaarden. Op grond hiervan worden vijf kwaliteitsklassen onderscheiden, zoals aangegeven
in de tabel.


Vooral de concentratie PAK bleek maatgevend voor de klasse-indeling. PAK komt ter plaatse veel voor doordat men bij de aanleg van steigers en beschoeiingen hout heeft gebruikt dat is verduurzaamd met creosoot-olie. Dit creosoot zorgt er ook voor dat steeds nieuwe PAK in de waterbodem terechtkomt. Een andere belangrijke PAK-bron is het gebruik van teer onder de waterlijn bij stalen schepen. PAK-verbindingen hechten zich relatief goed aan slibdeeltjes, waardoor verspreiding over grotere afstand mogelijk is. Verder was een duidelijke afname in de gemiddelde verontreinigingsgraad waar te nemen met toename van de diepte.